Insights

De R-strategieën op een rij

De R‑strategieën bieden ondernemingen praktische tips om hun circulariteit te verbeteren via kleine acties, zonder hun concurrentievermogen of financiën in gevaar te brengen.

  • Alle sectoren
  • Circulair
FOD Economie Waldo Galle

Op zoek naar een handig kader dat je helpt om de circulariteitDe circulariteit beschrijft de hoeveelheid materialen die in een gesloten kring worden beheerd. van je bedrijf te verbeteren? Dan bieden de R-strategieën een goede leidraad.

Of het nu gaat om het vermijden van afval of het verminderen van de aankoop van nieuwe grondstoffenGrondstoffen worden vaak uit de natuur gehaald, zijn eindig en niet-hernieuwbaar, zoals steenkool, erts, ..., die acties helpen je milieu-impact te verkleinen.

Belangrijk: de strategieën worden gerangschikt van meest duurzaam (R0) tot minst duurzaam (R9).

R0: Afwijzen (refuse)

De allerbeste manier om de milieu-impact van een product te verminderen, is door het product niet te kopen. Probeer, waar mogelijk, te kiezen voor een duurzamer alternatief.

Bijvoorbeeld: Koop geen nieuwe bestelwagen en kies voor een fietskoerierdienst.

R1: Heroverwegen (Rethink)

In plaats van een product slechts enkele keren te gebruiken, kies je ervoor het te delen met anderen of het zelf intensiever aan te wenden.

Bijvoorbeeld: Stap in een autodeelsysteem met andere bedrijven. Zo kan de bestelwagen optimaal benut worden.

R2: Verminderen (Reduce)

Door je verbruik (grondstoffen, energie, water, enz.) te verminderen, produceer of gebruik je een product met een lagere impact op mens en milieu.

Bijvoorbeeld: Kies voor een autofabrikant die werkt met gerecycleerde materialen, minder chemicaliën en energiebesparende productietechnieken. Of kies voor een elektrische in plaats van een thermische wagen.

R3: Hergebruiken (Reuse)

In plaats van voor een nieuw product te kiezen, ga je voor het hergebruikHergebruik is elke activiteit waarin stoffen, materialen of producten die geen afval zijn, opnieuw voor hun oorspronkelijke toepassing worden gebruikt. van een bestaand alternatief.

​Bijvoorbeeld: Je kiest voor een tweedehandsbestelwagen in plaats van een nieuwe.

R4: Repareren (Repair)

In plaats van meteen over te gaan op de vervanging van een kapot product, bekijk je eerst welke mogelijkheden er zijn voor de herstelling ervan.

Bijvoorbeeld: Laat je huidige bestelwagen herstellen (of doet het zelf).

R5: Renoveren (Refurbish)

Een bestaand product moderniseren door een grondige poetsbeurt, een likje verf en kleine herstellingen kan wonderen doen en de levensduur aanzienlijk verlengen.

Bijvoorbeeld: Geef je oude bestelwagen een frisse look door hem te personaliseren met je nieuwe logo.

R6: Herstellen (remanufacture)

Laat het product uit elkaar halen, de problemen oplossen en het daarna opnieuw monteren. Zo werkt het weer zoals oorspronkelijk bedoeld, zonder dat je veel nieuwe materialen moet gebruiken.”

Bijvoorbeeld: De garagist demonteert je bestelwagen, zoekt de oorzaak van het probleem, voert de herstelling uit en zet hem dan weer in elkaar, klaar om opnieuw te gebruiken.

R7: Herbestemmen (repurpose)

​ Gebruik onderdelen van een defect product voor een ander doel.

Bijvoorbeeld: De motor van je kapotte bestelwagen kan gereviseerd worden en op de tweedehandsmarkt een waardevol nieuw doel krijgen in een andere machine of voertuig.

R8: Recycleren (recycle)

Verwerk materialen zodat ze opnieuw als grondstof kunnen dienen.

Bijvoorbeeld: Het staal en aluminium van je oude bestelwagen worden gedemonteerd, gesmolten en gerecycleerd tot grondstof voor de productie van nieuwe voertuigen.

R9: Terugwinnen (recover)

Als recycleren niet meer kan, kan de energie uit verbranding worden teruggewonnen. Dit gebeurt in speciale installaties om de uitstoot zoveel mogelijk te beperken.

Als het product geen recycleerbare componenten meer bevat, zorg er dan voor dat de energie die vrijkomt bij verbranding wordt teruggewonnen. Die energie kan dienen als bron voor de productie van nieuwe producten. De verbranding zelf heeft echter vaak een impact op de CO2-uitstoot en luchtvervuiling, ook al kan dat in zekere mate worden gecontroleerd in een aangepaste centrale.

Bijvoorbeeld: De kunststoffen in een oude auto worden verbrand in een speciale centrale waarbij herbruikbare energie wordt geproduceerd.

Conclusie

Afval kunnen we nooit volledig vermijden. Maar als je de R-strategieën toepast, verminder je de totale afvalberg aanzienlijk. Gerecycleerde grondstoffen blijven bovendien lang in omloop voordat ze echt afval worden.

Nood aan meer praktijkvoorbeelden? Professor Waldo Galle van de VUB legt uit hoe je de R-strategieën toepast in de bouwsector, bijvoorbeeld bij de recyclageRecyclage is elke vorm van valorisatie die (ook organisch) afval omzet in stoffen, materialen of afgewerkte producten, al dan niet met hun oorspronkelijke functie. van raamprofielen.

Meer weten over hoe goed jouw kmo al bezig is op vlak van circulariteitDe circulariteit beschrijft de hoeveelheid materialen die in een gesloten kring worden beheerd.? Doe dan zeker de test!